VOLKSKRANT

Patrick van den Haanenberg

VOLKSKRANT — Binnen een paar jaar heeft Wende Snijders zich opgewerkt van een jonge chansonnière trappelend aan de zijlijn tot het boegbeeld van het Franse chanson in Nederland. De opvolging van Liesbeth List is definitief geregeld. In tegenstelling tot La Grande Dame de la Chanson heeft Wende ook nog een behoorlijk schrijftalent.

Op haar tweede album La fille noyée staan een aantal teksten en composities die met uit de toon vallen in het gezelschap van de grootheden waar ze zich aan optrekt. Het krankzinnig lastige, razendsnelle ‘Vesoul’ van Jacques Brel zingt ze net zo soepel als het indringende ‘Dis, quand reviendras tu?’ van Barbara. Daarnaast ook onbekend werk van Jacques Prévert en een Franse uitvoering van ‘Der Song von Mandalay’ van Brecht/Weill.

Nieuw dit keer zijn een paar Nederlandstalige nummers waaronder ‘De nuttelozen van de nacht’. In dit nummer (Brel) buitelen soms in een zin zelfverzekerdheid en breekbaar held over elkaar heen. Maar ook in die achtbaan van emoties blijft Wende moeiteloos overeind.